Grondwater
Grondwater is al het water in de ondergrond, bodem en gesteenten. Het wordt aangevuld door regenwater en kwel. Kwel is grondwater dat onder druk uit de grond komt. De hoogte van het grondwaterniveau verschilt per gebied. Het is afhankelijk van de hoogte van het gebied, de aanwezigheid van ander water, de afstand tot een sloot of drainage, en de doorlatendheid van de grond.
Het grondwaterpeil in Leidschendam-Voorburg is op een gewenst niveau. Er zijn binnen de gemeente wel een aantal locaties waar het grondwaterpeil na bijvoorbeeld zware regenval tot tijdelijke problemen kan leiden. Afhankelijk van de oorzaak doet de gemeente, vaak samen met een Hoogheemraadschap, er alles aan om deze overlast tot een minimum te beperken.
-
Grondwateroverlast
Als het grondwaterniveau te hoog is, dan kan er grondwateroverlast ontstaan. Dit gebeurt bij hevige regenbuien en slecht waterbeheer.
Bij grondwateroverlast door regenbuien wordt regenwater niet snel genoeg in de grond afgevoerd, waardoor het tijdelijk in de straat of tuin blijft staan. Om grondwateroverlast door regenbuien zoveel mogelijk te voorkomen, zorgt de gemeente dat dit water de ruimte krijgt. Zij legt sloten, vijvers en duikers aan, en verbreedt en baggert bestaande sloten als dat nodig is.
Slecht onderhouden waterbeheersystemen kunnen ook grondwateroverlast veroorzaken. Een drainage die niet meer goed werkt bijvoorbeeld, kan het water niet snel genoeg afvoeren.
Veel grondwateroverlast wordt veroorzaakt door een combinatie van een hoog grondwaterniveau en een mindere bouwkundige staat van een woning. Dit kan vooral in oudere wijken het geval zijn. Vroeger was er minder aandacht voor ontwatering. Door de toegepaste bouwmethode en de verouderde bouwmaterialen kunnen lekkages en scheuren ontstaan.
-
Heeft u problemen met grondwater?
Geef dit dan aan op het Meldingsformulier Openbare Ruimte (MOR). Indien u vragen heeft neem dan contact op met afdeling Realisatie en Beheer op telefoonnummer 14 070.
-
Verdroging
Ook als het grondwaterniveau te laag is, kan dit problemen geven. We spreken dan van grondwateronderlast of verdroging. Dit kan nadelige gevolgen hebben voor funderingen in gebouwen. In de regio Haaglanden en de gemeente Leidschendam-Voorburg komt verdroging zelden voor.
-
Maatregelen tegen grondwateroverlast
Perceeleigenaren zijn zelf verantwoordelijk voor de grondwaterstand en de staat van de bebouwing op hun perceel. Bij het oplossen van grondwaterproblemen zijn er twee uitgangspunten:
- Het aanpassen van de bebouwing aan het grondwaterniveau
- Het nemen van maatregelen om het grondwaterniveau te verlagen
Bij het aanpassen van de bebouwing aan het grondwaterniveau kunt u aan de volgende maatregelen denken:
- Het impregneren van muren, waardoor deze (weer) waterdicht worden. Het grondwater kan dan niet meer door de muren optrekken
- Het met schuim afdichten van gaten en kieren in de begane grondvloer en het vochtdicht maken van het kruipluik. Vochtige lucht kan daardoor niet meer vanuit de kruipruimte naar de woonruimte stromen.
- Het verbeteren van de ventilatie van de woonruimte en/of kruipruimte door het aanbrengen van ventilatieroosters of mechanische ventilatie
- Het opvullen van te diepe kruipruimten met goed doorlatend materiaal, zoals bijvoorbeeld schelpen. Hierdoor kan het grondwater minder goed optrekken.
- Het aanbrengen van folie op de bodem van de kruipruimte. Dit gaat verdamping van het grondwater tegen.
Bij het verlagen van het grondwaterniveau kunt u aan de volgende maatregelen denken:
- Het aanleggen of herstellen van een horizontaal of verticaal drainagestelsel
- Het draineren of wegpompen van het grondwater
- Het verbeteren van de mogelijkheden voor de waterafvoer vanaf uw perceel
- Het doorbreken van een te dichte laag in ondiepe ondergrond
-
Ontvangstpunten voor grondwater
De gemeente biedt ontvangstpunten voor grondwater aan waarop u onder voorwaarden mag aansluiten. Doorgaans kan worden aangesloten op een nabijgelegen regenwaterstelsel of het oppervlaktewater. De voorwaarden voor een aansluiting voor (grond)waterafvoer zijn beschreven in het Handboek Openbare Ruimte.